Schoolraad van de Leilinde

voorzitter
Johan van Dommelen
secretaris
Annette Adams
e-mail: s.r@deleilinde.nl
Marc Kox
Caroline van den Borne
Ellen Oomen
Inge Lavrijsen
Alexander Pot
?

Verslag ouderpanel
Op donderdag 9 februari 2006 werd door de Schoolraad voor de derde keer het ouderpanel georganiseerd. Bij een ouderpanel worden ouders/verzorgers persoonlijk uitgenodigd om over 1 of 2 onderwerpen te komen discussiëren.
Hierdoor krijgt de Leilindedirectie meer zicht op wat ouders belangrijk vinden. En dit wordt meegenomen in de beleidsvorming.
Deze keer hadden we als onderwerp:
1. voeding en tractaties en
2. kwaliteitseisen van leerkrachten
Er hadden zich 23 ouders aangemeld en deze werden verdeeld over vier groepen met ieder een gespreksleider. Aan de hand van twee stellingen werd iedereen geprikkeld om zijn of haar mening te geven. Zeker bij de stelling: "De Leilinde moet zich met de voeding van de kinderen bemoeien" kwamen er veel reacties. Wat de één gezond vindt, vindt de ander ongezond of niet nodig.
Uiteindelijk werden we het eens over het feit dat ouders altijd eindverantwoordelijk zijn voor de voeding van hun kind (iedereen weet wel wat gezond is!), maar dat de Leilinde wel richtlijnen kan stellen wat betreft gezond gedrag. Hierover kunnen ook themalessen worden aangeboden, bijvoorbeeld over het belang van ontbijten.
Ook de stelling over tractaties bij een feest en tussendoortjes maakte veel los. Hier kwamen we uit bij: "niet te groot, vooral lekker, en géén kauwgum". Ook hierbij gaan we uit van het gezonde verstand van de opvoeders.
Niemand vindt dat hier op school overdreven of te luxe dingen worden aangeboden bij feestelijk gebeurtenissen. Het mag op zo'n dag wel iets meer zijn dan water.
Het laatste deel van de avond werd besteed aan de kernkwaliteiten die de leerkrachten zouden moeten bezitten wanneer ze op de Leilinde werken. Iedereen kreeg 12 punten op papier en mocht hierop reageren of iets aanvullen.
Het bleek een goede kwaliteitskaart te zijn waarin alle vaardigheden duidelijk zijn omschreven. Deze punten worden ook regelmatig met de leerkrachten besproken, en ook de M.R en de schoolraad geven hier hun mening over.
Tot besluit bedankte Ad van Dingenen iedereen voor hun inbreng en reikte nog een bloemetje uit, gemaakt door groep 6. Het was een zeer interessante en vruchtbare avond!
Verslag van het tweede ouderpanel
Van de 48 aangeschreven ouders verwelkomde de directeur, Ad van Dingenen, 29 ouders. In het kort gaf hij nogmaals het doel van een ouderpanel aan: het meedenken over onderwerpen betreffende de school om deze te verbeteren.
Vervolgens stelde hij de gespreksleider van de avond voor, de heer Erik Peperkamp, directeur van de schoolbegeleidingsdienst De Kempen. Hij is tevens betrokken bij de ontwikkeling van de Brede School in Reusel.
In de eerste gespreksronde werd in kleine groepjes grof taalgebruik besproken. Met de opmerkingen kan het schoolteam vervolgens aan de slag. In de nabespreking kwam naar voren dat de leerkrachten alert moeten zijn op grof taalgebruik, omdat het anders steeds erger wordt. Hoewel niet iedereen hetzelfde onder grof taalgebruik verstaat, vinden alle ouders dat het niet kwetsend of krenkend mag zijn. Op televisie horen kinderen taal, die niet wenselijk is. Ook lichaamstaal kan als kwetsend ervaren worden. Het personeel en de ouders hebben een voorbeeldfunctie. leerkrachten moeten ouders aan kunnen spreken in gevallen dat het zich voordoet en omgekeerd. Als het probleem zich structureel voordoet moeten de leerkrachten regelmatig contact onderhouden met de ouders. De school moet bepalen hoe zij ermee om wil gaan. Zij moet ook aangeven wat zij wel en niet kan. Zij moet dat duidelijk maken naar de ouders. ouders begrijpen, dat kijkend naar het kind, er niet een norm kan zijn. Kinderen komen uit verschillende milieus en horen verschillend taalgebruik. Het kind kan tussen twee werelden komen te zitten. Van de leerkrachten wordt verwacht dat zij nagaan, hoe het negatieve gedrag het beste kan verdwijnen. Men is van mening, dat door belonen het goede gedrag versterkt kan worden. Kinderen moet geleerd worden, hoe ze iemand met respect kunnen aanspreken.De methode voor sociale-emotionele ontwikkeling Leefstijl, waarmee De Leilinde, aan de slag gaat, kan hieraan een bijdrage leveren.
De tweede gespreksronde had als thema: Als het niet goed gaat met een kind in de klas. De centrale vraag was: Hoe ga je daar mee om? Als voorbeeld werd gesproken over een jongetje dat regelmatig slaat en ontoelaatbaar gedrag laat zien.
De aanwezigen waren van mening, dat men iedereen serieus moet nemen. Men mag van de leerkracht interesse verwachten en een luisterende houding.
De leerkracht moet informatie inwinnen, bij de ouder en bij het kind. Gedrag heeft een bepaalde oorzaak. Bij oplossingen moet de school ook naar zichzelf kijken. Zijn de lessen uitdagend genoeg, worden er grenzen gesteld. De betrokkenen moeten in ieder geval op de hoogte gesteld worden, hoe de zaak wordt opgelost, of nog beter, kunnen de ouders bij de oplossing betrokken worden. De leerkracht moet de situatie en de oplossingen dus bespreekbaar maken.
Voor de andere kinderen in de groep moet de leerkracht met tact het probleem uitleggen en bespreken hoe het kind het beste geholpen kan worden. Voorkomen moet worden dat
het kind een negatief stempel krijgt opgedrukt of een zekere vernedering ervaart. In ieder geval moet er respect blijken. De weerbaarheid van het kind is van groot belang.
Op de vraag of andere ouders erbij betrokken moeten worden, antwoorden de ouders, dat dit alleen maar kan als de betreffende ouder toestemming geeft.
Tenslotte werd opgemerkt dat de school moet aangeven wat zij als school aan kunnen. Ook bij de aanmelding van kinderen. Hierover communiceren is belangrijk. Ook in de contacten naar bijvoorbeeld consultatiebureaus.
De aanwezigen waren tevreden over de avond, waarbij er levendig gediscussieerd werd. Ze achten het ouderpanel voor herhaling vatbaar. Er mogen volgende keer meer prikkelende stellingen gepresenteerd worden.
De directeur bedankte op het einde van de avond de ouders voor hun betrokkenheid en inbreng, de heer Peperkamp voor zijn gespreksleiding. Als blijk van waardering bood hij elke deelnemers een bloem aan, die door een van de kinderen van groep 7a gemaakt was.

|