Nederlandse taal
In de kleutergroepen wordt veel aan taalvorming gedaan. Naast de kringactiviteiten en het speelwerkuur zijn de kinderen tijdens het spel intensief en creatief met taal bezig. Door o.a. gebruik te maken van het materiaal "Schatkist", worden de kleuters gestimuleerd, uitgedaagd en begeleid in hun taalontwikkeling.
In de groepen 4 t/m 8 werken we sinds het schooljaar 2008-2009 met de vernieuwde methode "Taaljournaal". De methode houdt rekening met verschillen tussen leerlingen: verschil in tempo, leerstijl, interesse en niveau. Er wordt veel aandacht besteed aan woordenschat. Een ander kenmerk is het gebruik van keuzeactiviteiten voor de kinderen. Hierdoor kan zij beter aansluiten bij de behoeften van de kinderen. Kinderen kunnen de lesdoelen op verschillende manieren bereiken. Er is veel gelegenheid tot zelfstandig werken. De methode probeert goed aan te sluiten bij de kinderen, waardoor een grotere betrokkenheid verwacht mag worden.
Lezen
De belangstelling die bij kleuters ontstaat voor gedrukte letters en woorden, noemen we 'ontluikende geletterdheid'. In de kleutergroepen zijn lees- en schrijfhoeken ingericht. De oudere kleuter krijgt de gelegenheid om op een natuurlijke wijze de eerste stapjes in de richting van het leren lezen te maken.

In groep 3 wordt het aanvankelijk lezen voortgezet met een methodische aanpak. Hier wordt gebruik gemaakt van de nieuwe maanversie van "Veilig Leren Lezen". Deze methode voldoet aan de nieuwste inzichten bij het leesonderwijs.
Om tegemoet te komen aan de grote verschillen in leesontwikkeling van kinderen, biedt Veilig leren lezen geschikte materialen voor alle niveaus. Er is veel speelleermateriaal in groep 3 aanwezig. Taal en woordenschat vormen een geïntegreerd onderdeel van de methode. Ook zijn er veel mogelijkheden tot differentiatie, waarbij o.a. computers worden ingeschakeld. Kinderen worden nauwgezet in hun leesontwikkeling gevolgd en begeleid. We brengen ze interesse voor boeken bij en vergroten het leesplezier.
Vanaf groep 4 is het voortgezet technisch lezen belangrijk. Daarbij geven we nog veel instructie en is er veel oefentijd, zodat lezen voor zoveel mogelijk kinderen een automatisme wordt.
Dat is belangrijk voor het leren van kinderen, omdat zij geconfronteerd worden met veel schriftelijk materiaal. We gebruiken de methode "Goed Gelezen". Voor technisch lezen gebruiken we bovendien "Lekker Lezen" voor extra oefeningen/ aanbod.
Voor dyslectische kinderen vinden we herhaling belangrijk om de leessnelheid te verhogen en de accuratesse te bevorderen. Het aanzetten tot meer lezen en het verbeteren van de spellingvaardigheid verdient aandacht, evenals het werken aan studievaardigheden. We zijn steeds op zoek naar materialen die de leermogelijkheden vergroten.
In alle groepen wordt ook individueel gelezen. Voor de leesontwikkeling is ook de leesbeleving het uitgangspunt. Daarom wordt er voorgelezen en vinden er activiteiten plaats in het kader van boekpromotie. De leescoördinator organiseert deze activiteiten en onderhoudt de contacten met de Openbare Bibliotheek van Reusel.
Jaarlijks worden er nieuwe boeken aangeschaft.
Als de kinderen het technisch lezen goed beheersen, komt de nadruk in de hogere groepen steeds meer te liggen op het begrijpend en studerend lezen. Vanaf schooljaar 2006-2007 wordt hiervoor eveneens de methode 'Goed gelezen' gebruikt.
Engels
In groep 7 en 8 wordt Engels gegeven. Er is veel veranderd op het gebied van Engels. Kinderen leven in een wereld van computers, commercials, playstations en enorm veel tv‑zenders. De voorkennis van de leerlingen van de Engelse taal is enorm toegenomen. Het gaat vooral om luister-, spreek- en leesvaardigheid. Het hoofddoel van de nieuwe methode Engels "Hello World" is, dat de kinderen het Engels leren communiceren in alledaagse situaties. Elke les bevat verschillende dialogen en uitnodigingen om gesprekjes te voeren.
Schrijven
In de kleutergroepen gebruikt men "Schrijfdans" en "Schrijven zonder pen" als bronnenboeken.
We gebruiken de nieuwe methode "Handschrift". In het begin van groep 3 gaat het voorbereidend schrijven over in aanvankelijk schrijven. Het eerste schrift is opgebouwd uit bekende schrijfpatronen zoals ovalen, guirlandes, enzovoort. Pas als het kind aan de schrijfvoorwaarden voldoet en vertrouwd is met lezen, kan het schrijfletters gaan leren.
Rekenen & Wiskunde
In de onderbouw gaat het om de begrippen en handelingen op het gebied van maat en meten, ruimte en tijd, hoeveelheden en getallen. Kinderen leren in de alledaagse dingen die ze doen, allerlei rekenkundige oplossingen te bedenken.
Om tot 'rekenspel' te komen, hebben kinderen veel spulletjes nodig. Dit noemen we handelingsmateriaal. De leerkrachten zorgen voor rijk ingerichte hoeken. De bouwhoek, zand- en watertafel zijn hier voorbeelden van.
Het afgelopen schooljaar hebben we na een uitvoerige studie en uitprobeerfase voor de nieuwe methode "Pluspunt versie 3" gekozen.
De methode kenmerkt zich door een stapsgewijze opbouw: instructie- oefenen- toetsen- herhalen. Elk doel wordt gedurende twee blokken geoefend en dan pas getoetst. Ook het automatiseren wordt frequent en gestructureerd aangepakt. Het kan ook geoefend worden met oefensoftware.
Niet iedereen is even ver in zijn of haar rekenontwikkeling. Een belangrijk verschil met de vorige methode is dat er structureel op drie niveaus gewerkt wordt. Preteaching en verlengde instructie zijn praktisch en systematisch uitgewerkt. Voor rekenzwakke kinderen is er een één oplossingsstrategie.
Na de toets vindt er per toetsonderdeel remediëring, herhaling en verrijking plaats.
Voor de snelle rekenaars is er extra en uitdagende oefenstof.
De methode zal dit schooljaar ingevoerd worden in de groepen 3 t/m 8.
De wereld om ons heen
De school is belangrijk bij het ontdekken van alles wat er zich afspeelt in, door en met mensen en hun omgeving. Wereldoriëntatie is de verzamelnaam voor een aantal vak- en vormingsgebieden die te maken hebben met de wereld om ons heen. Hiertoe behoren aardrijkskunde, geschiedenis, natuur, techniek, maatschappelijke verhoudingen, geestelijke stromingen, gezond gedrag en sociale redzaamheid, waaronder verkeer.
In onze samenleving zijn vele culturen zichtbaar. Wij zien intercultureel opvoeden als een belangrijke taak. Dat is geen vak apart. Het zit verweven in alle vakgebieden. Het leerstofaanbod over andere culturen heeft onze aandacht.
Op heel veel momenten wordt gesproken over de wereld om ons heen en brengen we kinderen kennis bij over het heden en het verleden van de aarde. Voor een gedeelte hanteren we voor de vakken methodes. Voor een ander gedeelte gebeurt dit in samenhang met de verschillende vakken en vaak aan de hand van actuele gebeurtenissen. Daarvoor is het eerder genoemde thematisch werken een geschikte werkvorm. De eigen inbreng van de kinderen vinden wij belangrijk. Tijdens de schooltelevisie, het maken van werkstukken, gedurende projecten, excursies, diaseries, spreekbeurten en kringgesprekken komen verschillende vakken tegelijkertijd in een logisch verband aan de orde.
In de onderbouw wordt vooral vanuit de belevingswereld van de kinderen gewerkt. Er wordt o.a. gebruik gemaakt van praatplaten, prentenboeken en het nieuwsbord. Bij actuele thema's worden speciale hoeken ingericht, bijv. de kapper, een babykamer, de camping, het restaurant, de winkel etc. Het verkennen van de wereld om ons heen doen de kleuters tijdens het thematisch werken.
Vanaf groep 4 wordt er naast de wereldoriëntatie voor een aantal vakken met een methodeboek gewerkt.
Vanaf groep 5 leren de kinderen zelf informatie te verwerven, te verwerken en te presenteren. Naast boeken gebruiken ze ook de computers als informatiebron. Al doende leren ze ook de computermogelijkheden toe te passen.

Geschiedenis
Geschiedenis in de betekenis van verhalen vertellen is vanaf de eerste schooldag al aan de orde. We werken met de methode "Bij de Tijd". Deze methode baseert zich op moderne inzichten over het geschiedenisonderwijs. Ze schetst de geschiedenis als een proces van continuïteit en verandering; sommige dingen veranderen, maar andere dingen blijven hetzelfde. Door het verleden te bestuderen, komen we veel van het heden te weten. En omgekeerd zien we door het heden waar te nemen, dat het verleden er nog toe doet.
In groep 3 en 4 worden de aspecten van het heden en het (recente) verleden vanuit deze invalshoeken belicht. De aanpak in groep 3 en 4 is regressief van aard. Dat wil zeggen dat vanuit het heden en de directe belevingswereld van de kinderen wordt teruggekeken naar het verleden.
Vanuit deze nieuwe inzichten heeft "Bij de Tijd" periodes en gebeurtenissen uit de geschiedenis geselecteerd en beschreven voor de groepen 5 tot en met 8.
Aardrijkskunde
Sinds 2003 werken we met de nieuwe versie van "Een wereld van verschil". De groepen 5 t/m 8 werken met deze methode. Zij hebben elke week aardrijkskunde op het rooster staan. Groep 3 en 4 zullen de methode gebruiken als bronnenboek voor wereldverkenning.
De methode werkt volgens het "Schelpenmodel". Dat wil zeggen dat elk jaar dezelfde thema's worden aangeboden. Deze worden echter elk jaar verder uitgediept. Groep 5 behandelt de eigen omgeving. Groep 6 behandelt Nederland. Groep 7 Europa en groep 8 behandelt de wereld.
De methode omvat een leerlingenboek, een werkboek en een miniatlas waarmee de kinderen de kaartvaardigheden leren. De lessen zijn zo opgezet dat de ene les aangeboden wordt door de leerkracht en dat de volgende les zelfstandig door de kinderen verwerkt wordt.
Deze methode past bij onze visie omdat je er gedifferentieerd mee kunt werken en het zelfstandig werken van kinderen er mee wordt bevorderd.
We gebruiken de nieuwe methode "Leefwereld".
Er wordt gekozen uit acht thema's die aangeboden worden middels een activiteitenboek en een platenset. Bij elk thema is het patroon:
- doe en ontdek
- kijk en knutsel
- spel en beweging
In de groepen 1-2 wordt de methode alleen gebruikt als bronnenboek. Voor de groepen 3 tot en met 8 zijn er 24 lessen, verdeeld over 16 thema's zoals Lichaamsbouw, Groei en verandering, Gezondheid, Uiterlijk en Bouw.
Per leerjaar zijn er 4 buitenopdrachten opgenomen. Vanaf groep 5 is er een verbredings- en verdiepingsopdracht in de vorm van onderzoeksopdrachten voor kinderen die meer aankunnen. De tuin van de school is ingericht als ontdektuin. De kinderen kunnen zelf of onder leiding van de leerkracht waarnemingen en ontdekkingen doen. Theoretische lessen en praktische lessen kunnen worden afgewisseld. De ontdektuin wordt bij ons natuuronderwijs betrokken. Hiervoor zijn lessen uitgewerkt die betrekking hebben op de seizoenen. Op deze manier willen we de kinderen de mooie dingen van de natuur laten ontdekken. De ontdektuin wordt door vrijwilligers bijgehouden, waarbij onze leerlingen soms helpen.
Jeugd-EHBO
In het kader van de bevordering van gezond gedrag worden voor de kinderen van groep 8 EHBO-lessen georganiseerd. Deze lessen worden verzorgd door mensen van de EHBO Reusel. Ze beginnen in november. In de wekelijkse lessen maken de kinderen kennis met de eerste beginselen van de hulpverlening.
Ze krijgen training in wat ze moeten doen bij ongelukjes en leren in de loop van het jaar veel over het menselijk lichaam. Zo worden ze zich meer bewust van mogelijk gevaarlijke situaties en werken de lessen ook preventief.
De cursus wordt afgesloten met een jeugddiploma.

Techniek
Techniek is alom aanwezig in de huidige maatschappij. Daarom verdient het techniekonderwijs een steeds belangrijkere plaats in het onderwijs.
Afgelopen schooljaar hebben we gewerkt met de Techniektorens. Voor iedere groep zijn er 10 technieklessen. Zodoende is er een doorlopende leerlijn. Enkele onderwerpen zijn: communicatie, stroomkringen, magnetisme, hydraulica en timmeren.
De groepen 7 en 8 gaan via het Kempisch Ondernemers Platform deelnemen aan excursies naar bedrijven in de Kempen. We werken op school met de "Techniek Torens". De leerkrachten kennen de tien dozen van hun groep en kunnen deze inzetten in de groep naar moeilijkheidsgraad, tijdsbesteding en inzetbaarheid.
Verkeer
Hoewel het voor kinderen belangrijk is om de verkeersregels te kennen en te begrijpen is hun houding en instelling voor een veilig gedrag in het verkeer vele malen belangrijker. Daarom neemt de verkeersopvoeding een centrale plaats in binnen ons verkeersonderwijs. Het voorbeeld van ouders en andere volwassenen uit hun omgeving speelt daarbij vaak een doorslaggevende rol.
"Wijzer door het verkeer" is ontwikkeld in samenwerking met 3VO (Verenigde Verkeers Veiligheids Organisatie). In de methode zijn alle nieuwe regels verwerkt. Het jaarprogramma is opgebouwd rond het model 'basisstof – herhaling – verdieping'. Thema's en leerplan zijn zo opgezet dat de methode geschikt is om ook in combinatieklassen te gebruiken. "Wijzer door het verkeer" bevat per leerjaar naast de theorielessen ook doe-lessen.
In groep 1 en 2 gaat "Wijzer door het verkeer" uit van de verkeerssituaties waarmee jonge kinderen elke dag te maken hebben: spelen, lopen, oversteken, fietsen en meerijden. Er zijn kringactiviteiten, activiteiten voor de werkles, spelactiviteiten en buitenactiviteiten.
In groep 3 t/m groep 7 komen dezelfde thema's jaarlijks op een vaste plaats terug. Voor groepen 3 t/m 5 zijn er theorielessen en doe-lessen.
Voor groep 6 en 7 is er na toetsing steeds een herhalingsles en een verdiepingsles.
In groep 7 doen de kinderen mee aan het landelijk verkeersexamen. De kinderen van groep 8 worden voorbereid op de route van en naar hun nieuwe middelbare school.
Er zijn 9 projecten met mogelijkheden tot zelfstandig werken. De groepen 4 t/m 6 kunnen bovendien verkeerssituaties oefenen met speciale software. Elke cd-rom bevat oefenstof voor 6 thema's. De kinderen oefenen in verschillende vormen:
· eenvoudige oefeningen rond thema's als bordenkennis en tekens op de weg
· slepen, invullen enz.
· speloefeningen rond thema's als 'voorrang' en 'rechts houden'
· virtueel fietsen en wandelen door een virtuele stad.

Sociale vaardigheden: Leefstijl
In het schooljaar 2004-2005 zijn we gestart met de invoering van de methode "Leefstijl". Deze methode wil door middel van oefening de sociaal-emotionele vaardigheden van kinderen verbeteren. De methode is opgebouwd uit ongeveer 8 thema's die elk schooljaar terug komen en steeds verder uitgediept worden. Elk thema bevat gemiddeld 3 lessen. De thema's die jaarlijks terugkeren zijn: ik en mijn klas, praten en luisteren, dit ben ik, wat ik voel, mensen die belangrijk voor me zijn, samen spelen, zorgen voor jezelf en ik kan kiezen.
De sociaal-emotionele vaardigheden worden geoefend door middel van verschillende werkvormen: gesprekken, spelletjes, puzzels, verhalen, liedjes en versjes, rollenspel, werkbladen enz. Er wordt veel samengewerkt, zodat de kinderen van elkaar kunnen leren, daarnaast zijn er individuele opdrachten.
Levensbeschouwelijke vorming
De katholieke levensbeschouwing is de basis van waaruit het onderwijs bij ons op school vorm krijgt en komt vooral tot uiting in de manier waarop wij met elkaar en met onze omgeving omgaan. We tonen eerbied en respect voor ieders inbreng en hebben zorg voor onze omgeving. Ieder mens is uniek. Alle kinderen (ook niet-katholieke) bij ons op school krijgen de ruimte zichzelf te zijn vanuit hun eigen achtergrond.
Alle kinderen volgen de catecheselessen. De school werkt o.a. met de methode "Trefwoord". Dit is een aansprekende methode voor eigentijdse godsdienstige en levensbeschouwelijke vorming.
Met Kerstmis en Pasen worden met de gehele school gezamenlijke vieringen gehouden. Bijbelverhalen krijgen een plek in het leven van de kinderen. De vorming vindt niet alleen op school plaats. Ouders en parochie hebben een eigen verantwoordelijkheid. De voorbereiding op de Eerste Communie en het Vormsel gebeurt in overleg met de parochie, ouders en school.
Bewegingsonderwijs
Voor het bewegingsonderwijs beschikt onze school over een goed ingerichte speelzaal voor de jongste kinderen. Spel en beweging staan dagelijks op het rooster. Vanaf groep 3 maken we voor de gymnastieklessen gebruik van het RABO Sporthuis. De kinderen worden met de bus vervoerd. In de groepen 3 tot en met 8 wordt één gymnastiekles per week door de vakleerkracht verzorgd en één gymles door de groepsleerkracht. In de combinatiegroepen geeft de vakleerkracht beide gymlessen. Door zijn voorbeeldfunctie wordt de kwaliteit van alle andere gymlessen verbeterd. We hanteren de methode "Basislessen Bewegingsonderwijs" als bronnenboek. Wij besteden veel aandacht aan een goede planning en opbouw van de lessen. Voor ieder kind willen we vooral het volgende bereiken: veelzijdig bewegen, optimaal intensief bezig zijn en plezier hebben in bewegen.
Expressie en kunstzinnige vorming
Voor handvaardigheid, tekenen en muziek hanteren we bronnenboeken. Er wordt soms gebruik gemaakt van de hulp van ouders bij de handvaardigheidlessen. De expressievakken brengen evenwicht in het schoolprogramma en dragen bij tot een brede ontwikkeling.
Jaarlijks worden er in samenwerking met andere scholen en de Schoolbegeleidingsdienst 'kunstprojecten' ontwikkeld en uitgevoerd. Toneel, fotografie, dans, poppenspel en muziek zijn enkele voorbeelden van projecten die door de werkgroep 'Kunstbasis' ontwikkeld zijn. Kinderen maken kennis met professionele kunstenaars en bezoeken voorstellingen.
De gemeente Reusel - De Mierden geeft jaarlijks een financiële bijdrage om deze projecten te realiseren.
Dit schooljaar worden in groep 5 AMV lessen gegeven door een vakleerkracht muzikale vorming van Pulz, centrum voor kunsteducatie.

Cultuureducatie
Vanaf schooljaar 2006-2007 hebben wij op school een werkgroep 'cultuureducatie' die ervoor zorgt dat cultuur een vaste plek binnen ons onderwijs gaat krijgen. Hiervoor hebben de werkgroepleden een driedaagse cursus gevolgd. Ons cultuurbeleidsplan ligt ten grondslag aan de wijze waarop wij aan de cultuureducatie invulling geven.
Elk schooljaar worden er verschillende culturele activiteiten ondernomen, zoals bezoeken aan exposities of voorstellingen, toneellessen enz. We proberen door middel van een meerjarenplan alle disciplines aan bod te laten komen. Er wordt, in het kader van de Brede School, samenwerking gezocht met culturele instellingen en verenigingen binnen de gemeente Reusel- de Mierden, maar ook wel daarbuiten. Er worden ook culturele activiteiten buiten schooltijd georganiseerd.
In het kader van de brede schoolontwikkeling willen we deze activiteiten op elkaar afstemmen. U wordt via het Leilindeblad op de hoogte gehouden van deze culturele activiteiten op onze school.
Computergebruik
De leefwereld van leerlingen verandert snel. Ze groeien op met computerspelletjes, televisie en internet. Dat kinderen als gevolg van de digitale omwenteling anders omgaan met informatie is eigenlijk vanzelfsprekend. Ze worden van jongs af aan overspoeld met snel wisselende beelden en geluiden. Daarom zullen ze anders op prikkels reageren dan een vroegere generatie. De huidige kinderen kunnen zich daarom moeilijker en korter concentreren, hebben een kortere spanningsboog en vinden iets al heel gauw saai.
Het onderwijs past zich aan deze omwenteling aan. We proberen steeds meer uit te gaan van de behoefte en belevingswereld van het individuele kind. We denken dat ICT (Informatie- en Communicatie Technologie) daarvoor een doelmatig hulpmiddel is. De computers worden vooral ingezet om de doelstellingen van basisontwikkeling en adaptief onderwijs te kunnen verwezenlijken. De aantrekkingskracht en de mogelijkheden van dit medium zijn dusdanig, dat elk kind er op zijn eigen niveau mee kan werken. Door het inzetten van geschikte programma's worden de kinderen gestimuleerd in hun ontwikkeling en breiden ze hun vaardigheden uit. Verder is de computer een grote informatiebron, die bij allerlei opdrachten en tevens bij het maken van werkstukken veelvuldig wordt ingezet. Tijdens de bijbehorende presentaties van werkstukken is de computer een veelgebruikt instrument.
Er vindt op dit moment een verschuiving plaats van het gebruiken van louter boeken en schriften naar digitale verwerking. De papieren methodes worden geleidelijk opgenomen in de computertoepassingen.
Om alle kinderen regelmatig met de computer te kunnen laten werken, zijn er zowel in de klassen als in de werkhoeken op de gang voldoende apparaten. Elke groep beschikt over 3 computers. De kleutergroepen, de leerjaren 3‑4, 5‑6 en 7‑8 hebben samen een aantal pc's in hun werkhoeken. Daarnaast hebben we nog enkele apparaten in de aula. Alle computers zijn aangesloten op het netwerk en starten altijd op onder 'SkoolControl'. Alle kinderen hebben hun eigen account en krijgen daardoor alleen toegang tot de voor hen bedoelde en geschikte programma's.

In de klas wordt gebruik gemaakt van een digitaal bord. Hoewel de leerkracht er het meeste gebruik van maakt, laat men er de kinderen ook zoveel mogelijk mee werken.
Naast het ontbreken van krijtstof biedt dit nog veel andere voordelen boven het traditionele krijtjesbord. Je kunt bordinformatie opslaan, bewaren en delen met anderen. Je kunt op dit bord schrijven en tekenen, maar ook typen en plaatjes van internet tonen. Omdat je computerbeelden klassikaal kunt bekijken, kun je programma's aan de hele groep presenteren en uitleggen. Via programma's als "Uitzending gemist" komt de actualiteit in de klas en kunnen educatieve series gevolgd worden. Documentatie bij allerlei lessen is overvloedig beschikbaar. De leerkracht kan (bord)lessen thuis achter de pc voorbereiden.
Behalve in de groep biedt de computer de leerkrachten ook persoonlijk veel mogelijkheden: verslagen en aantekeningen van vergaderingen, overleg en scholing worden met behulp van e-mail uitgewerkt en verspreid. Ook bij de uitwisseling van gegevens, mededelingen en afspraken is e-mail niet meer weg te denken. De mogelijkheden van tekstverwerking, presentatieprogramma's en audiovisuele toepassingen breiden zich steeds uit en vragen van elke leerkracht deze ontwikkelingen te blijven volgen en zich middels scholing deels eigen te maken. SkoolControl biedt de mogelijkheid om bepaalde programma's en gegevens vanuit het schoolnetwerk thuis op te roepen en daar op de eigen computer te bewerken.
Er is een ICT-beleidsplan opgesteld. In dat plan wordt beschreven wat onze school de komende jaren op ICT-gebied wil gaan bereiken.
Aandacht voor andere activiteiten
Om een goede gemeenschappelijke sfeer te creëren, besteden we ook aandacht aan andere activiteiten. Leren bestaat niet alleen uit samen werken en samen leren, maar ook uit samen vieren. Bij feestelijke gelegenheden verzorgen kinderen allerlei optredens.
We vieren niet alleen de jaarlijks terugkerende feesten, maar ook andere feestelijke gelegenheden krijgen onze aandacht.
Jaarlijks besteden we in een bepaalde periode extra aandacht aan culturele en interculturele vorming.
Creamiddagen
Ieder jaar worden er drie creamiddagen georganiseerd. In groepjes maken kinderen kennis met allerlei activiteiten. Variërend van sport tot koken en van timmeren tot tuinieren. Op deze wijze brengen we de kinderen in contact met allerlei aspecten, die net iets verder buiten de normale onderwijsinvulling liggen.